A. Doelstelling van het project
1. Diversiteit van talenten benutten als hefboom voor leren en ontwikkelen.
Het project veronderstelt dat het ondersteunen en waarderen van de diversiteit van talenten een cruciale hefboom is voor het leren en ontwikkelen van studenten
Het expliciteren en versterken van de individuele talenten, ondersteunt immers niet alleen de eigen identiteit; het respecteert tevens deze eigenheid. Elke student wordt op die manier gezien en bevestigd in zijn verschillend zijn. Omdat dit aansluit bij de fundamentele basisbehoefte van elke mens, verhoogt hiermee ook het welbevinden van de student. Het project veronderstelt dat deze bevestiging de motivatie ondersteunt en op die manier de hefboom is tot zinvol leren.
2. Implementeren van een nieuwe visie op leren: het broaden-and-built-model
Het project veronderstelt vervolgens dat het model van talentontwikkeling van prof F. Korthagen en prof A. Vasalos de nodige basisinzichten geeft voor het ontwikkelen en ondersteunen van de diversiteit aan talenten. Korthagen en Vasalos, Furman B, e.a. kwamen tot het inzicht dat het een normale menselijke denkwijze is om stil te staan bij problemen, deze te analyseren, oorzaken te zoeken en zo te komen tot oplossingen. Het nadeel van deze manier van werken is dat er veel energie geven wordt aan het probleem. Het wordt heel belangrijk, het overheerst het denken.
Vanuit de positieve psychologie komt er de laatste jaren een nieuwe omslag: in plaats van te blijven steken bij wat niet goed is, zou het beter zijn energie te steken in wat je juist wel wilt.
Ook Dilts, Batseon, Buckingham, M & Clifton, Ofman, D ,Krekels, D en Cooperrider, D zullen naast anderen ons inspireren.
Het projectteam wil concreet het broaden-and-built-model van Baraba Fredrickson toepassen op de problematiek van de diversiteit. Anders dan te focussen op de analyse van het probleem, haar oorzaken en haar mogelijk oplossingen, wil dit model deze thematiek positief aanpakken en vertrekken vanuit de positieve belevingen van mensen. Wat is er wel aanwezig en wat is wel positief? Het model voorziet een dynamiek waarbij de reeds aanwezige kwaliteiten worden vastgezet, verbreed en verder uitgebouwd. Vandaar het broaden-and-built-model: het verbreden en het uitbouwen van de al bestaande basiskwaliteiten.
B. Doelgroep
Implementeren van talentontwikkeling op 3 niveaus:
De bevindingen van het onderzoek naar talentontwikkeling worden concreet toegepast op de verschillende actoren binnen een lerarenopleiding:
- op het niveau van een zeer divers studentenpubliek, met speciale aandacht voor doelgroepstudenten;
- op het niveau van studenten als toekomstige leerkrachten die dit naar kinderen en jongeren gaan realiseren;
- op niveau van docenten die bij zichzelf en bij studenten meer gaan vertrekken vanuit het versterken van talenten en zo werken aan kwaliteitsontwikkeling.
C. Activiteiten
Fase 1: Onderzoeksfase: Onderzoeksvraag: Hoe kan concreet gewerkt worden aan talentontwikkeling, vooral van de zwakste groepen in de lerarenopleiding? (sept. 2009-aug. 2010)
a) Over de instellingen heen: vorming van de onderzoekers.
Via nauwe samenwerking vanuit de 3 instellingen wordt onderzocht hoe de medewerkers op basis van de uitwisseling van expertise, literatuuronderzoek en externe vormingen de bestaande deskundigheid kunnen verbreden en verdiepen. o.a. het volgen van een vormingsdriedaagse onder leiding van prof. Korthagen en prof. Vasalos
b) Over de opleidingen heen: erkennen en valideren van de verscheidenheid
De visie en de expertise in de verschillende opleidingen BaKO/BaLO/BaSO wordt gebundeld en tot synergie gebracht. De bestaande diversiteit in visie en werking op leer- en trajectgroepen wordt hier als rijkdom en als hefboom tot het leren van de organisatie gezien. Het project wil deze verschillende invalshoeken, schoolculturen, snelheden erkennen als een kans tot ontwikkeling. Dit kan gebeuren in gezamenlijke werkmomenten waarbij de gelijkenissen en de verschillen tussen de verschillende opleidingen besproken worden. Op basis hiervan zullen initiatieven groeien om gerichte vormings- en professionaliseringsinitiatieven vorm en inhoud te geven.
c) Ontwikkelen van concrete methodes om aan talentontwikkeling te doen.
Via een elektronisch platform worden concrete methodes, werkwijzen en reflecties gebundeld en gedeeld met de partnerinstellingen.
Fase 2: Testfase : Organisatie: opzetten van test-vormingstrajecten op verschillende domeinen en systematische reflectie hierop. (jan. 2010-aug. 2010)
a) In testgroepen van studenten wordt gewerkt met kernreflecties en evolutie naar multi-level learning
De verschillende opleidingen sturen het leren van de studenten aan vanuit leer-, reflectie of trajectgroepen. Hierin wordt er gewerkt met de reflectiecyclus van Fred Korthagen waar de focus ligt op competenties. Talentontwikkeling maakt gebruik van een verdieping van deze reflectiecyclus nl. kernreflectie en focust op de diepste kern van de persoon: zijn verlangens, zijn willen , de kwaliteiten. Deze kwaliteiten zullen uitdrukkelijk aandacht krijgen en expliciet benoemd worden. Hier kan de student de kracht vinden om moeilijkheden te overwinnen. In de plaats van aandacht te geven aan wat niet lukt, wordt nu versterkt wat men wil, en wat men kan. Dit is waarderend coachen waarbij studenten sterker worden gemaakt van binnenuit.
Extra aandacht zal hier gaan naar de kansengroepen die in het deficiëntiedenken voortdurend uit de boot vallen en eerder op hun tekorten dan op hun kwaliteiten gewezen worden. Door de kwaliteiten bij de studenten te expliciteren , leren de studenten deze kwaliteiten te herkennen bij zichzelf maar ook bij anderen. Zo kunnen zij op hun beurt leerkrachten worden die aan kwaliteitsontwikkeling bij hun leerlingen kunnen doen.
In deze testgroepen worden de verschillende lagen van leren aangeboord. Het projectteam plant te werken aan de binnenste laag, dit wil zeggen de laag van de eigen kwaliteiten, de eigen verlangens en de eigen zingeving. Dit heeft een onmiskenbare weerslag op al de andere lagen van leren. Op die manier breidt het leereffect van deze binnenste laag zich uit naar buiten: studenten gaan anders over zichzelf denken, hun overtuigingen veranderen, hun gedrag veranderen en zo verandering teweeg brengen in de omgeving. Dit effect wordt door Korthagen en Vasalos multi-level learning genoemd: leren op verscheidene lagen tegelijk
b) Vorming testgroep lectoren gevolgd door een intervisietraject.
De drie projectmedewerkers zullen de leergroepbegeleiders vormen en aansturen, opdat deze visie onmiddellijk uitgetest en uitgevoerd wordt met concrete werkinstrumenten aangepast aan de contexten en de doelstellingen van de opleiding(en). Op deze manier kunnen opleidingen kiezen voor eigen inhouden, methodes, snelheden, maar zal de visie tegelijk gemeenschappelijk zijn. Deze verscheidenheid maakt het project rijk en breed inzetbaar in alle opleidingen.
Fase 3: Implementatiefase [Opnieuw aan te vragen project]
Organisatie: opzetten van vormingstrajecten op verschillende domeinen (sept 2010-augustus 2011)
Vanuit de reflectie en bijsturing vanuit het actieonderzoek, en rekening houdend met de evaluatie van de testgroepen, wordt in een volgend academiejaar (2010-2011) een vormingstraject voor studenten (via leergroepen) en voor docenten georganiseerd.
D. Producten/resultaten/realisaties
under construction...
E. Nuttige links
http://www.kernreflectie.nl
http://www.theoryu.com
http://www.presencing.com
http://www.vuurwerkt.be
http://www.lerendoorwaarderen.nl/
http://www.kessels-smit.be/
http://www.authentichappiness.sas.upenn.edu/http://www.corequality.nl/
F. Logo’s van de partnerinstellingen en het financieringkanaal
Van Matteus-effect naar het Michelangelo fenomeen.
Toen Michelangelo zijn wereldberoemd beeld David gemaakt had, zei hij hierover:
‘Ik zag een engel in dat marmer.
Ik moest er alleen de overbodige steen wegkappen om hem eruit te halen.’
