header_opleidingen
Nieuwe Media en Design Academie op C-mine Genk

Katholieke Hogeschool Limburg start bouw nieuwe campus voor Media en Design Academie

Genk, C-mine - oktober 2007 - De KHLim start met de bouw van de nieuwe campus voor haar departement Media en Design Academie. Het gebouw wordt opgetrokken bovenop de ondergrondse garage die de Stad Genk aanlegde op de terreinen van C-mine, kant Wilde Kastanjelaan. De 6000 m2 grote infrastructuur  zal vanaf september 2008 onderdak bieden aan de 450  studenten van de Media en Design Academie (MDA).

De huidige locatie van de MDA in het oude ziekenhuis op de Weg naar As had weliswaar een zekere charme, maar voldeed niet langer aan de behoeften van de studenten audiovisuele en beeldende kunsten en productdesign.

Op de site van Winterslag (C-mine) trekt de Stad Genk ook andere intiatieven aan rond Creativiteit. Dit laat de hogeschool toe om de voor Vlaanderen unieke opleiding Master in Productdesign beter in de verf te zetten. De nieuwbouw zal ook extra kansen geven aan alle design-opleidingen: zowel bij de audiovisuele opleidingen (animatie, tv-film, en communicatie- en multimediadesign) als bij de beeldende kunsten (fotografie en grafisch ontwerp).

Een gebouw vol Experiency

Henk Heuts, departementshoofd van de MDA: “Centraal in het concept van de architecten staan de open atelierlandschappen. Dit biedt mogelijkheden voor  opleidingsoverschrijdende activiteiten. Immers, naast de klassieke onderwijsdomeinen moet ons gebouw ook ruimte geven aan het crossdisciplinair onderzoek en de projecten onder de noemer “experiency”, met als bedoeling: vertrekkende van veelzijdige ervaringen de belevingswaarde van producten en multimediale realisaties bij de ‘gebruikers’ te verhogen. De beslissing om naar de mijnsite te verhuizen was een schitterende opportuniteit om deze piste te volgen".

Na een selectieprocedure viel de keuze op het architectenbureau VBM uit Heverlee (Leo Van Broeck & Pieter Meuwissen) in samenwerking met Grondmij voor de structuur en technische infrastructuur. Zij opteerden voor een robuust gebouw dat in verhouding staat met de oude mijngebouwen. Het wordt een monoliet van 95 op 26 meter. Het beeld dat de architecten voor ogen hadden was een blok zwarte steenkool die op het terrein wordt verankerd. Als gevelbekleding is gekozen voor geperforeerde aluminiumplaten die op een onregelmatige wijze worden geschrankt waardoor een soort schubhuid ontstaat. Enkel waar grote glasoppervlakken zijn voorzien wordt de gevelbekleding achterwege gelaten. De hoogte van het gebouw is aan één zijde drie bouwlagen die geleidelijk oplopen naar vier bouwlagen. Hierdoor krijgt het gebouw een licht hellend dakvlak.

Geen traditionele schoolgangen

In het gebouw komt geen strikte opdeling per opleiding. Het interieur krijgt een open ruimtelijk karakter met een aaneenschakeling van gedifferentieerde plaatsen. Een veelheid aan doorzichten zal het interieur dynamiseren. Het wordt dus zeker geen traditioneel schoolgebouw met saaie gangen! Het uitwisselen van ervaring tussen de verschillende creatieve disciplines krijgt alle kansen.

Op de begane grond is een doorsteek voorzien tussen het plein en de aanpalende zone waar de stad in de toekomst huisvestingsprojecten wil optrekken. Tijdens de openingsuren zal men door het gebouw kunnen wandelen en bijgevolg zicht hebben op de aanpalende mediatheek en de hoofdtoegang met de trappen naar de eerste verdieping waar de meeste circulatie gepland is. Vandaar vertrekken de studenten naar hun technische ateliers en de twee auditoria. De ontmoetingsplaats krijgt via extra glas in het dakvlak zicht op de indrukwekkende schachtblokken.

Henk Heuts: “Deze nieuwe campus zal zeker een bijzondere plaats krijgen in de nieuwe scholenbouw in Vlaanderen. Zowel door de keuze van inplanting als het concept van het gebouw krijgen we nieuwe mogelijkheden. Er kan een kruisbestuiving ontstaan tussen onderwijs en bedrijfswereld, een nieuwe symbiose die noodzakelijk is om tot impulsen te komen voor een creatieve economie. De rol van het onderwijs op deze locatie is hiervoor van essentieel belang.”